


|

Parken en bossen van
Jette
Jette beschikt met het Jeugdpark,
het Garcetpark, het Huybrechtspark en natuurlijk het Koning Boudewijnpark
over vier schitterende oorden waar de stadsmens makkelijk tot rust kan
komen. Daarnaast zijn er ook nog de leuke speelpleinen, waar de kleine
rakkers in alle veiligheid en naar hartelust kunnen ravotten.
Het Koning Boudewijnpark
Voor 1958 was de zone ten noordoosten
van Brussel nog grotendeels een landelijk gebied met grote boerderijen
en enkele kleine landbouwbedrijven die men via paden en onverharde wegen
langs bossen, velden en weiden kon bereiken. Alle mensen kenden er elkaar
en er heerste een zekere dorpssfeer.
Het hedendaagse leven introduceerde stedelijke activiteiten en het menselijk
karakter ging verloren in een anoniem agglomeraat. De band tussen mens
en natuur stond op het punt te worden verbroken, maar dankzij de aanleg
van het Koning Boudewijnpark kon dit in grote mate worden verhinderd.
In het 103 hectaren grote Koning Boudewijnpark krijgt de bevolking uit
de buurt en andere gemeenten de gelegenheid om zich te ontspannen in een
aangename en harmonische omgeving. Daar ging echter heel wat voorbereidend
werk aan vooraf. Zo kocht het Brusselse Gewest in 1978 alle terreinen
en werd van start gegaan met de aanleg in drie fasen. De eerste fase had
betrekking op het park van het Heilig-Hart, de tweede op de verlening
ervan en de derde - meest ingewikkelde - fase had betrekking op het moeras
van Jette-Ganshoren. Toen werd eveneens de Normandische chalet van het
Laarbeekbos in ere hersteld. Stilaan groeide het Koning Boudewijnpark
uit tot zoals we het vandaag de dag kennen, een schitterend groene plek
op enkele stappen van onze hoofdstad.
Het Garcetpark
Het aan het Kardinaal Mercierplein
grenzende Paul Garcetpark kreeg in 1995 een nieuw kleedje aangemeten.
Het park werd volledig opgeknapt door een privé-firma, terwijl de gemeente
een speelplein voor de kinderen aanlegde en een ruimte voor tieners. Het
speelplein bevindt zich aan de achteringang van school Espoir. Kinderen
tot 7 jaar vinden er verschillende gedroomde speeltuigen, van een schuifaf
tot een schommel. Een dergelijk speelplein spreekt natuurlijk niet tot
de verbeelding van onze tieners.
Daarom legde de gemeente - aan de kant van de Léon Theodorstraat, ietwat
afgebakend met planten en bomen - een speciaal voor hen ontworpen ruimte
aan, met een heel bijzonder soort stadsvoorzieningen. Deze komen volledig
tegemoet aan hun wensen en gewoonten. Het is dus een origineel - en experimenteel
- concept in een park dat open staat voor iedereen. Verder werd ook de
verlichting in het Garcetpark aangepakt, kwam er ook hier een hondenhoekje,
werden er vijf petanquebanen aangelegd en werden de wegen smaller gemaakt
zodat er meer ruimte was voor de grasperken. Speciale aandacht ging ook
naar de ingangen van het park. Ondermeer aan de kant van het politiecommissariaat,
waar het niveauverschil opgevangen werd door de aanleg van trap en een
strook voor gehandicapten.
Het Huybrechtspark
Een park dat eerder reeds in een
nieuw kleedje werd gestoken, is het langs het langs de Woestelaan gelegen
Huybrechtspark. In dit volledig omzoomde park kan jong en oud terecht.
De jongsten kunnen er ravotten, terwijl er voor de ouderen verschillende
petanquepisten voorzien zijn, maar ook verschillende banken waar ze kunnen
genieten van het groen en de zomerzon.
Het Jeugdpark
Ten
slotte is er het volledig opgeknapte Jeugdpark langs de Graafschap Jettelaan.
Zoals de naam al laat vermoeden, is dit park vooral afgestemd op de jongeren.
Men vindt er allerlei sportfaciliteiten terug, zoals het mini-golfterrein,
de tennis-, basketbal- en voetbalterreinen, omheinde banen voor de skateboarders
en in-lineskaters. Ook de mindervalide jongeren kunnen in het Jeugdpark
terecht. De herinrichting van het park verliep in verschillende fases. Tidjens
de 1ste fase werden er 3 nieuwe speelpleinen ingericht, voor kinderen
van 2 tot 6 jaar, van 5 tot 12 jaar en voor kinderen van meer dan 10 jaar.
Dit alles rond het hoofdelement, een speelplein voor kinderen (van 2 tot
6 jaar) met een verminderde mobiliteit (zelfs toegankelijk voor rolstoelgebruikertjes). Tijdens de volgende fases werd er een omheining geplaatst langs het spoorwegtalud,
verschillende vrije loopruimten voor honden over een totale lengte van
+/- 300 meter langs de omheining ingericht, een sportinfrastructuur geïnstalleerd
zoals een multifunctioneel sportveld, skateboardpistes, een overdekt tennisveld,
en een gezondheidspiste. Tenslotte kregen de wandelpaden andere afmetingen,
de hoofdwegen worden aangelegd in klinkers, de kleinere wegen in dolomiet,
werden alle parkingangen heringericht en uitgerust met een hondenhoekje,
de twintig meter lange groenzone langs de Graafschap Jettelaan werd geïntegreerd
in het park en kwamen er nieuwe beplantingen: in de plaats van zieke bomen
kwamen struiken en nieuwe gezonde bomen, en aan de parkingangen nieuwe
bloemperken. Deze fases fristen het hele park op: meer licht, betere zichtbaarheid
door het creëren van visuele openingen naar de buitenkant van het park
toe (door de afschaffing van de haag langs de Graafschap Jettelaan), betere
leesbaarheid door het creëren van zones in het park (rustzones, speelzones,
sportzones...), meer comfort en meer aantrekkingspolen voor de verschillende
parkbezoekers.
De Speelpleinen
Naast
de parken zijn er in Jette nog enkele leuke, door groen omgeven speelpleinen.
Zo is er het Liebrechtspeelplein, waarvoor de Jetse Leefmilieudienst -
voor de neus van prestigesteden als San Fransisco en Madrid - de tweede
prijs weg op de Internationale wedstrijd voor de aanleg van stedelijke
groene ruimten in Montreal. Gesteund door deze internationale erkenning
legde de dienst een dergelijk plein aan op de Jectagaarde en in de Essegemwijk.
De Jetse bossen vormen met hun
oppervlakte van ruim 53 hectaren het meest uitgestrekte gedeelte van het
geheel van het Koning Boudewijnpark
Het
meer dan 9 hectaren grote, langs de Bonaventurestraat gelegen, Dielegembos
verving in de 19de eeuw het Elsenbos en werd in 1952 aan de gemeente Jette
verkocht. De lage en vochtige gedeelten zijn er met elzen en populieren
bebost, terwijl hazelaars en andere bomen in het bos werden aangeplant.
De centrale laan, en de hoger gelegen en drogere gedeelten ten slotte,
werden met beuken bebost. Het Poelbos is het recentste, en met zijn 8 hectaren eveneens het
kleinste, van de drie bossen. Dit natuurreservaat werd in 1964 verworven
door de gemeente Jette en in 1976 tot beschermd landschap verklaard. Het
Poelbos werd daarna verder aangelegd en in 1978 officieel geopend. Sindsdien
komen vooral natuurliefhebbers en wetenschapsbeoefenaars zoals ornithologen
- omwille van de vele nestbouwende vogels - er ruimschoots aan hun trekken. (CEBO - tél.: 02/893.09.91) Het derde Jetse bos is het 33 hectaren grote Laarbeekbos. Tijdens
de Tweede Wereldoorlog bezetten de Duitsers er afwisselend met de Britten
de Normandische chalet. Tegenwoordig is dit prachtige beukenbos eigendom
van het Brussels gewest en wordt het beheerd door de dienst Water en Bossen.
|