Werken en Leefmilieu

Er was eens een windmolen...

Jette heeft nooit een industrieel karakter gehad. Gedurende vele jaren was het een plattelandsdorp met veel bebost gebied en groene ruimte, landbouwgrond en weilanden. De lokale industrie was steeds nauw verbonden met het plattelandsleven. Men vindt nog vele oude gebouwen terug (brouwerijen, graan- en zaadhandels, leerlooierijen) die doorheen de jaren hun oude functies opgaven om een nieuwe bestemming te krijgen. De industriële- en handelsactiviteiten concentreerden zich voornamelijk langs de Jetsesteenweg, de Firmin Lecharlierlaan, de Dupréstraat en de Dielegemsesteenweg. Wij stellen u enkele bedrijven voor die hun stempel drukten op het Jetse landschap en leven in bepaalde wijken.

De molens

De handelscentra concentreerden zich logischerwijs rond de plaatsen waar men vlot aan basismaterialen geraakte (hout, steen, water, klei), aan energie (wind- en watermolens), maar ook verbindingswegen waren belangrijk. Zo vonden we langsheen de Molenbeek verschillende watermolens die afhankelijk waren van de Dielegemabdij. Jette had een Windmolenstraat (momenteel de Moranvillestraat) en een Molenaarsstraat (Uyttenhovestraat).

De smidse van Jette

Als er een gebouw getuige is van de rurale ambacht in Jette, is het wel de smidse van Jette. Het gebouw bestond uit een ijzerhandel, café, een hangar en de smidse (met de oven, speciaal uitgerust om wielen, en allerlei machines en werktuigen te maken). De boeren uit de omgeving van de Dielegemsesteenweg brachten hun dieren naar de smidse, waar ook karren gemaakt werden, om hun hoeven te laten aanbrengen. Vandaag wacht de smidse, enige originele overblijver van de oorspronkelijke landbouwactiviteiten in Jette, nog steeds op een gepaste oplossing om gered te worden. Misschien komt er op een dag wel een "Smidsemuseum" in onze gemeente?

De graanhandels

De graanhandels, die nauw verbonden waren met het rurale leven, bloeiden welig in Jette. Er waren verschillende vestigingen, zoals op de Wemmelsesteenweg nr 259 aan de Wilg en de "Brusselse graanhandel" op het nr 117 van de Duperéstraat. Deze werd opgetrokken in 1933 en breidde snel uit. De "Brusselse graanhandel" was gespecialiseerd in de verwerking van het afval van meelhandels, mouterijen, brouwerijen,... Het afval kwam via de trein in het station van Jette aan of met de boot (havenlaan) en vervolgens met paardenwagens (tot in 1945) naar de Dupréstraat gebracht. Het bedrijf produceerde veevoeder en ging in 1964 dicht.

De moderne industrie

Vanaf 1945 moest Jette enkele keuzes doorvoeren op het vlak van stadsontwikkeling. Moest men kiezen voor een woonmilieu of eerder profiteren van de nabijheid van de grote transportwegen om te evolueren tot een industriële gemeente? Oorspronkelijk koos men duidelijk voor de eerste optie, en vond men het ondenkbaar dat bepaalde industrieën zich zouden vestigen in het oude gedeelte van Jette. Dit betekende niet dat alle ondernemingen werden verboden. Fabrieken of industriële ondernemingen die samengingen met de woonomgeving werden opgetrokken rond de toegangswegen (Jetsesteenweg, langs de spoorweg).

De lijst van bedrijven die mee de geschiedenis van onze gemeente vormen is behoorlijk lang. Drukkerijen, leerlooierijen, vuurwerkmakers, glasblazers, oliefabrieken, pottenbakkerijen, ijzerfabrieken,... Velen onder hen verdwenen, maar sommigen vonden met een nieuwe bestemming een tweede jeugd. Het huidige administratief centrum bijvoorbeeld is een oud tabaksbedrijf. Als het gemeentebestuur zich vestigt in de Don Bosco-gebouwen op de Wemmelsesteenweg, zal het gebouw in de Werriestraat in woningen worden opgedeeld. In elk geval vormt de geschiedenis van deze getuigen van ons verleden een fascinerend verhaal.


Retour en haut de page

© 2012 Gemeente Jette