

|
Jette
in het algemeen
|
Slechts
5 km van het centrum van Brussel, perfect bereikbaar met het
openbaar vervoer, is de gemeente Jette als het ware een dorp
in de stad. Het evenwicht tussen woongebied en economische activiteiten
werd steeds bewaard.
Als groene long van het noord-oosten van
de hoofdstad, vindt men in Jette het natuurreservaat Poelbos
en het Koning Boudewijnpark, dat zich uitstrekt over een honderdtal
hectaren.
Jette is eveneens een gezinsvriendelijke gemeente, waar het
goed leven is. De "Kinderboerderij", aan de zoom van
Koning Boudewijnpark, zorgt ervoor dat de jonge stedelingen
geïnitieerd worden in de milieubehoud en -bescherming.
Rond
het Spiegelplein klopt het handelshart van de gemeente, met
vele winkels en elke zondag een van de grootste markten van
Brussel. Het sociale leven bloeit er ondermeer door de vele
sport- en culturele infrastructuur. Mensen van elke leeftijd
vinden in Jette wel iets naar hun gading.
Welkom in onze gemeente en prettig bezoek aan onze internetsite!
Korte
geschiedenis van de gemeente
In
1095 verschijnt de naam van de gemeente voor de eerste maal
in teksten, onder de naam "JETTA". Later evolueerde
de naam tot "GETTA" in 1146, "JHET" in 1220,
"IETTE" in 1389 en "YETTE" in 1435.
|
Kenmerken
- Oppervlakte
van de gemeente: 504 ha waarvan 117 ha parken en bossen
- Wegen: 54
km 583
- Aantal inwoners: 49.111 inwoners
- De kleuren
van de gemeentelijke vlag zijn blauw en geel
- 1 gemeentelijk
kinderdagverblijf
- 2 peutertuinen
- 5 consultatiebureaus
voor zuigelingen
- 13 Nederlandstalige
scholen
- 15 Franstalige
scholen
- 1 onderwijs
voor sociale promotie
- 1 academie
- 4 sportinfrastructuren
- 90 sportverenigingen
- 110 culturele
verenigingen
- 11 seniorenverenigingen
|
In de Middeleeuwen
had Jette een zeker belang, vermits het tijdens deze periode de residentie
was van een Schepen, die zijn juridische bevoegdheid uitspreidde over
tien dorpen. Deze rechtbank nam de traditie van Ukkel over en had dus
eveneens een zegel. De Burgemeester van Merchtem oefende, in de bevoegdheid
van Schepen van Jette, recht uit in naam van de Prins. In de 16de eeuw
werd het Schepenschap van Jette verdeeld, wanneer de dorpen waarover het
bevoegdheid had, verdeeld werden onder verschillende Heren.
Tot in 1644 was Jette een oude heerlijkheid, die toebehoorde aan verschillende
particulieren.
De Baron van Bouchout verkreeg Jette, tijdens een openbare verkoop, van
Karel IV, koning van Spanje. In 1659 werd het graafschap Jette opgericht,
onder de naam van "Sint-Pieters-Jette". De gemeente behoorde
op dat moment toe aan François de Kinschot, Heer de Rivieren. Al deze
gronden kwamen na huwelijk, met de titel van Graaf van Sint-Pieters-Jette,
toe aan Paul-Philippe de Villegas, broer van Jacques-Ferdinand de Villegas,
Baron van Hovorst, Heer de Viersel, Bouchout, enz... voorzitter van de
Rekenkamer.
Enkele
bezienswaardigheden van de gemeente
1. De
Sint-Pieterskerk
De Sint-Pietersparochiekerk, gebouwd omstreeks 1880 in neogotische stijl,
bewaart enkele voorwerpen die afkomstig zijn van de oude kerk; een rijke,
uit zwarte en witte marmer gemaakte grafsteen van de familie de Villegas,
laatste Heren uit het Graafschap Sint-Pieters-Jette; een vergulde relikwieënkast
van Sint-Pieter, patroon van de kerk, aanroepen ter genezing van de door
de kinkhoest aangetaste kinderen; biechtstoelen, de preekstoel, een communiebank,...
2. Het
klooster van het Heilig-Hart
De Zusters van het Heilig-Hart hebben zich, in 1834, het prachtige eigendom
van Baron Bonaventure, tweede Burgemeester van Jette (1812-1830), aangeschaft.
Het oorspronkelijk gebouw en het ruime park bestaan nog steeds.
3. Het
Brugmannhospitaal
Het Brugmannhospitaal, eigendom van het Openbaar Centrum voor Maatschappelijk
Welzijn van Brussel, werd in 1911 op het grondgebied van Jette gebouwd.
Het geheel werd later aan Brussel afgestaan in ruil voor andere gronden.
4. De
Romeinsesteenweg
Op de heuvelkam die de gemeenten Jette en Wemmel scheidt werd destijds
een Romeinse Steenweg aangelegd. Op deze hoogte heeft men een prachtig
zicht op Brussel.
5. De
Dikke Beuk
Op de hoogste plaats van de heuvelkam die Jette van Wemmel scheidt, op
het geodetische punt kwotering 82, staat een boom die er in 1913 werd
geplant. Hij vervangt een zeer oude boom die, door zijn vorm, de Dikke
Beuk gedoopt werd en die, in 1911, door een storm werd neergehaald.
6. Het
oude abtspaleis
Dit eerbiedwaardige gebouw, gelegen in het gehucht Dieleghem, is het laatste
overblijfsel van een van de belangrijkste abdijen van het hertogdom Brabant.
In 1095 gesticht, werd ze, in 1789 onder sequester geplaatst en te koop
gesteld. Vandaag de dag rest er slechts de abtswoning, die ondermeer uitzonderlijk
is door de hoge en ruime ontvangstzaal op de 1ste verdieping die in het
midden van de zoldering een grote koepel heeft.
7. De
oude barreel
De steenweg tussen de Abdij van Dieleghem en "De Vier Winden"
in Sint-Jans-Molenbeek, werd in 1730 door de Abdij aangelegd. Om de onderhoudskosten
van deze baan niet alleen te moeten dragen, eiste de Abdij een recht van
doorgang geëist voor de abdijpoorten. Op deze plaats bevindt zich thans
het bekende eethuis "A l'Ancienne Barrière".
Beschrijving
van het gemeentezegel
In het midden: de Maagd van voren gezien, rechtstaand en gekroond, met
in de armen een Jezuskind, op een grasgrond in een Gotische nis.
Rechts: de Dame van het wapenschild.
Links: de eenhoorn van het wapenschild.
Oorsprong
van het zegel
Het Graafschap
Sint-Pieters-Jette had in de XVII-de eeuw, een wapenschild van François
II de Kinschot, eerste Heer van het Graafschap Sint-Pieters-Jette, waarop
in het midden een Maagd met kind stond afgebeeld in een gotische nis.
De reproductie van de Maagd met kind op het zegel is waarschijnlijk te
wijten aan de twee volgende feiten:
- de kerk van de abdij van Dieleghem was gewijd aan de Maagd;
- de oude abdijzegels (1180, 1247, 1261, 1297), toen nog "Abbatia
Jettensis", droegen de beeltenis van een Maagd.
Het is onder François de Kinschot dat het domein de Rivieren een baronie
wordt (7.10.1654). Daarnaast is het ook onder zijn bestuur dat de vijf
dorpen (Jette, Ganshoren, Releghem, Hamme en Bever) tot het Graafschap
Sint-Pieters-Jette werden omgevormd (18.11.1659).
Het nieuwe zegel is niet het zegel van de Kinschotfamilie. Het familiewapenschild
werd wel het zegel van de Schepenen van het Graafschap Sint-Pieters-Jette.
Zo komt het zegel voor op een gemeentelijke akte van 28.5.1661, in bewaring
gegeven bij de archieven van het OCMW van Brussel.
Beschrijving
van het gemeentelijke wapenschild
Gouden
met een gekanteelde en tegengekanteelde faas van sabel, het schild getopt
met een zilveren helm, getralied, omboord en goudgekroond met gouden sabeldekkleden.
Helmteken: een antieke sabelvlucht - het schild geplaatst op een degen
van de Ridder der Orde van Sint-Jacob, rechts gehouden door een dame van
vleeskleur en geheel gekleed, de linkerhand rustend op het schild en in
de rechterhand een hart van vleeskleur, geplaatst op een sluier van azuur,
bezaaid met gouden sterren en overtopt met een gouden koninklijke kroon,
links gehouden door een zilveren eenhoorn, gekroond, genageld, gehalsband
en met gouden manen.
|